in

CoolCool

Onderzoek wijst uit: jongens en meisjes even goed in wiskunde!

Classroom School Chalkboard Education Math

Jongens zijn beter in wiskunde dan meisjes. Althans, dat wordt nog steeds als een waarheid aangenomen. Inmiddels is die mythe wel ontkracht door verschillende analyses van testscores, maar het blijft toch altijd nog een hardnekkig vooroordeel. Dat wij in Nederland, met Ionica Smeets, het beste voorbeeld van een vrouwelijke topwiskundige hebben, is daarbij ook nog eens mooi meegenomen. Maar nu is er baanbrekend onderzoek gedaan door de Carnegie Mellon University in de Verenigde Staten. Tijdens dit onderzoek kregen 104 kinderen, tussen de 3 en 10 jaar oud, cognitieve tests uit te voeren en kregen zij video’s van boeiende wiskundelessen te zien in een MRI-scanner.

De onderzoekers kregen hiermee ook hersenbeeldvorming, die bewijst dat jonge kinderen dezelfde mechanismen en netwerken in de hersenen gebruiken om wiskundeproblemen op te lossen, ongeacht hun geslacht. Het tijdschrift Science of Learning publiceerde de resultaten van het onderzoek, waarin door Jessica Cantlon, een professor in ontwikkelingsneurologie aan de Carnegie Mellon University, wordt aangegeven dat de prestaties van jonge meisjes en jongens statistisch gezien niet van elkaar waren te onderscheiden. Met andere woorden, de jongens en meisjes deden het beiden even goed! De vraag voor de onderzoekers was daarom hoe zij dit gelijkwaardige gedrag kunnen verklaren.

Bekijk ook:
Vanavond is de onthulling van de langverwachte iPhone 12

In de MRI!

Om deze vraag te beantwoorden werd er gebruik gemaakt van een MRI-scanner. Het is daarmee de eerste keer dat dit bij een studie wordt gebruikt om biologische geslachtsverschillen in de wiskundevaardigheid van jonge kinderen te evalueren. Met behulp van ‘neuro-imaging’ is gekeken welke hersengebieden sterker reageren op wiskunde-inhoud in de video’s en taken, vergeleken met niet-wiskundige inhoud zoals lezen of het alfabet. Op deze wijze werd het mogelijk om het ‘wiskundenetwerk’ te ontdekken, door te kijken naar regio’s in de hersenen die sterker reageren. De uitkomst was dat het ‘netwerk’, of de ‘regio’ in de hersenen dat reageert bij zowel de meisjes als de jongens, volledig identiek is, oftewel volledig overlappend.

De mythe blijft bestaan

Wat het onderzoek echter niet beantwoordt, is waarom het vooroordeel, dat jongens sterker zijn in STEM (‘Science, Technology, Engineering and Mathematics’) onderwerpen dan meisjes, nog steeds bestaat. Om die, blijkbaar onuitroeibare, misvatting toch te nuanceren heeft een onderzoeksteam zelfs een verklaring uitgegeven waarin wordt aangegeven dat ‘geen enkele factor’, inclusief biologie, ‘sekseverschillen in wetenschap en wiskunde heeft bepaald.’ De auteur van het onderzoek denkt dat de invloed van samenleving en cultuur meisjes bepalend is waardoor jonge vrouwen waarschijnlijk wegblijven bij wiskunde en techniek. Zo tonen eerdere studies aan dat jongetjes vaak meer betrokken worden bij spelletjes waarbij ruimtelijk inzicht is gevraagd en ook meer aandacht krijgen tijdens de wiskundeles. Ook zijn kinderen vaak gevoelig voor de verwachtingen van hun ouders, waarbij het bijvoorbeeld gaat om zaken in opleiding en kennis, waar wiskundige vaardigheden deel van uitmaken. De wetenschappers geven aan dat het maken van onderscheid tussen meisjes en jongens kleine verschillen kan versterken die uiteindelijk de oorzaak vormen voor grotere sekse gerelateerde ongelijkheid.

Bekijk ook:
Waar moet je op letten bij het kiezen van het juiste glasvezel abonnement?