Over elf weken stopt het salderen, en precies nu zoekt half Nederland op wat een thuisbatterij kost. Logisch: de verkopers bellen, de buurman heeft er al een en je energierekening gaat in 2027 omhoog. Maar wat kost een thuisbatterij nou echt, en na hoeveel jaar heb je dat geld terug? Ik heb het uitgerekend met drie voorbeeldhuishoudens, en ik laat elke aanname zien.
Eerst even dit: of zo'n batterij in je huishouden zin heeft, gaat over gedrag en gevoel. Dit stuk gaat over één ding: de rekensom.
Wat kost een thuisbatterij in 2026?
De onafhankelijke cijfers liggen dichter bij elkaar dan de advertenties doen vermoeden.
- Consumentenbond (2026): een gemiddeld vast systeem kost tussen de €4.000 en €6.000, inclusief installatie en btw. Let op: veel leveranciers adverteren prijzen zonder btw.
- Milieu Centraal (pagina bijgewerkt september 2026): een gemiddelde batterij van 6 kWh, inclusief omvormer en installatie, kost “een paar duizend euro”. Er is geen rijkssubsidie, en de prijzen dalen de komende jaren waarschijnlijk.
Een stekkerbatterij is goedkoper, maar die laat ik in de sommen hieronder buiten beschouwing. Milieu Centraal waarschuwt voor brandrisico als zo'n batterij op een groep met zware apparaten zit, en een installateur sluit hem volgens de NEN 1010-norm niet op een gewoon stopcontact aan. Goedkoop is dan niet hetzelfde als slim.
Wat een batterij je oplevert na 1 januari 2027
De opbrengst van een batterij is simpel samen te vatten: elke kilowattuur zonnestroom die je opslaat en 's avonds zelf gebruikt, hoef je niet te kopen. Je verliest wel wat je voor die kilowattuur bij terugleveren had gekregen. Na het salderen ziet dat er zo uit:
- Wat je betaalt voor stroom: rond de 25 cent per kWh, volgens Vereniging Eigen Huis (gemiddeld tarief april 2026, bron CBS).
- Wat je krijgt voor terugleveren: tot 2030 minimaal 50 procent van het kale leveringstarief, dus zonder belastingen.
- Terugleverkosten: die blijven bestaan, al worden ze lager. De ACM vindt ze niet onredelijk, maar wel lastig te vergelijken, en schrijft sinds 1 januari 2026 in het modelcontract een bedrag per teruggeleverde kWh voor.
- Wat er netto overblijft: vergoeding min kosten. Bij de meeste leveranciers is dat volgens Vereniging Eigen Huis ongeveer 0,25 cent per kWh, bij de beste ongeveer 4,5 cent (peil 2026). Bij een enkele leverancier is het zelfs negatief.
Dat geeft deze rekenregel, die ik hieronder steeds gebruik:
Besparing per jaar = opgeslagen kWh × (stroomprijs − netto terugleververgoeding)
Bij de meeste leveranciers is dat 25 − 0,25 = 24,75 cent per verschoven kWh. Bij de leverancier met de hoogste netto vergoeding is het 25 − 4,5 = 20,5 cent.
Nu het eerlijke stuk: het einde van het salderen maakt een batterij dus wél interessanter. Elke kWh die je opslaat, is ineens bijna een kwartje waard in plaats van niets. Maar dat kwartje moet je wel vaak genoeg verdienen.
Voorbeeld 1: het gemiddelde rijtjeshuis
Rekenvoorbeeld. De cijfers over verbruik en opwek zijn het voorbeeldgezin van Vereniging Eigen Huis (2026). De batterijprijs is de bandbreedte van de Consumentenbond (2026).
- Verbruik: 3.500 kWh per jaar. Acht zonnepanelen wekken 3.100 kWh op.
- Zonder batterij gebruikt dit gezin 1.000 kWh zelf (32 procent) en levert het 2.100 kWh terug. In 2027 betaalt het dan volgens Vereniging Eigen Huis €619,75 per jaar voor stroom.
- Gebruikt het gezin 1.900 kWh zelf (61 procent), dan is dat €397. Dat is €222,75 per jaar minder.
Stel dat een batterij precies dat verschil van 900 kWh voor zijn rekening neemt. Dat is een aanname van mij, Vereniging Eigen Huis rekent hier zonder batterij. Dan is de terugverdientijd:
- bij €4.000: 4.000 / 222,75 = ongeveer 18 jaar
- bij €6.000: 6.000 / 222,75 = ongeveer 27 jaar
En dat is nog gunstig gerekend. Milieu Centraal rekent voor: tien panelen wekken op een gemiddelde decemberdag zo'n 2,5 kWh op. In de winter blijft je batterij dus vaak grotendeels leeg. Bovendien kun je een deel van die 900 kWh gratis verschuiven, door de vaatwasser en de wasmachine overdag te laten draaien.
Voorbeeld 2: het grote dak en een hoog verbruik
Rekenvoorbeeld met aannames van mij, ter illustratie. Het opbrengstcijfer per paneel komt van Milieu Centraal (10 panelen ≈ 3.500 kWh per jaar).
- Gezin met een hoog verbruik van 5.000 kWh, overdag weinig thuis, en 16 panelen. Die leveren omgerekend zo'n 5.600 kWh op.
- Een batterij van rond de 10 kWh verschuift in dit voorbeeld 1.800 kWh per jaar. Dat komt neer op ongeveer 5 kWh per dag, vooral van maart tot en met oktober. Dat is een aanname, geen meting.
- Besparing: 1.800 × €0,2475 = €445,50 per jaar. Bij de leverancier met de hoogste netto vergoeding is het 1.800 × €0,205 = €369.
- Prijs: ik reken met €6.000, de bovenkant van de bandbreedte van de Consumentenbond. Grotere systemen zijn vaak duurder.
Terugverdientijd: 6.000 / 445,50 = ongeveer 13,5 jaar, of 6.000 / 369 = ongeveer 16 jaar. Dat komt al een stuk dichter in de buurt. Dit is het profiel waar een batterij de meeste kans maakt: veel overschot overdag en veel verbruik 's avonds.
Voorbeeld 3: geen panelen, wel een dynamisch contract
Sommige grotere batterijen kunnen ook zonder zonnepanelen werken. Ze laden dan als stroom goedkoop is en ontladen of verkopen als die duur is. Daarvoor heb je een dynamisch contract nodig. Hiervoor rekent geen enkele onafhankelijke instantie een betrouwbaar bedrag per jaar voor, omdat het afhangt van prijsverschillen die je nu niet kunt voorspellen. Milieu Centraal zegt het ronduit: ook zulke handelende batterijen verdien je “hoogstwaarschijnlijk” niet terug.
Krijg je een offerte met een vast bedrag aan handelsinkomsten per jaar? Vraag dan waarop dat bedrag gebaseerd is, en of het al rekent met de situatie na 1 januari 2027. Een verkoper die rekent met de prijsverschillen van vorig jaar, rekent met het verleden.
Reken het zelf uit in vier stappen
- Zoek je teruglevering op in je energie-app of op je jaarafrekening. Kijk vooral per maand: in de winter is er weinig over om op te slaan.
- Schat je avond- en nachtverbruik in. Milieu Centraal raadt aan om de batterij niet groter te nemen dan dat verbruik, en dat te meten met een P1-meter.
- Zoek je netto terugleververgoeding op bij je leverancier: de vergoeding na 2027 min de terugleverkosten.
- Vul de rekenregel in en deel de prijs van de offerte inclusief installatie en btw door je besparing per jaar.
Mijn eigen vuistregel: een batterij van €5.000 die je in 15 jaar wilt terugverdienen, moet zo'n €333 per jaar opleveren. Bij 24,75 cent per kWh betekent dat dat je ongeveer 1.350 kWh per jaar moet verschuiven, en dat zijn kilowatturen die je nu níét al zelf gebruikt. Lukt dat niet, dan betaal je vooral voor een gadget.
Mijn eerlijke conclusie
Wat kost een thuisbatterij? Meestal €4.000 tot €6.000. Wat levert hij op? Voor een gemiddeld huishouden een paar honderd euro per jaar, en daarmee ben je in mijn voorbeelden 13 tot 27 jaar bezig om hem terug te verdienen. Het salderen stopt op 1 januari, maar je hoeft dus niet in december nog snel te tekenen. Kijk eerst een paar maanden naar je eigen cijfers, en vraag elke verkoper om een berekening voor 2027 met jouw verbruik. Wil je weten hoe zo'n batterij in de loop van de jaren presteert? Lees dan wat de prestaties van een thuisbatterij beïnvloedt, of bekijk eerst wat je zonnepanelen opleveren.
Heb jij al een offerte gehad, en welke terugverdientijd stond daarop? Laat het weten in de reacties.

Plaats een reactie