Waar we de afgelopen jaren massaal kozen voor strakke lijnen, koele grijstinten en perfecte minimalisme, slaat de pendule nu keihard de andere kant op. We hunkeren naar warmte, tactiele texturen, imperfectie en een interieur dat écht persoonlijk voelt. In een wereld die steeds sneller, luider en onzekerder aanvoelt, willen we binnen vertragen, opladen en ons omringd voelen door spullen die ons goed doen. Comfort-maxxing is geen tijdelijke hype meer; het is dé rode draad van dit jaar.
🔥 Ontdek de trends van deze week
Alles wat nu viral gaat, van TikTok-hypes tot slimme gadgets – mis ze niet!
Bekijk wat trending is →De rode draad: Natural Living & Serene Craftsmanship
Natural Living domineert in 2026, en dat is meer dan een stijl – het is een mindset. Piet Klerkx noemt het “rust, warmte en verbinding”, en dat zie je terug in álle interieurs die nu gespot worden. We zoeken onthaasting: minder prikkels, meer zintuiglijke rust.
Kleurenpalet: Aards en neutraal als basis. Zand, taupe, terracotta, klei, olijfgroen, salie en karamel. Deze tinten voelen grounding en maken je huis meteen warmer. Accenten? Butter yellow, diep chocoladebruin, aubergine of een vleugje kobaltblauw – maar altijd subtiel in eerste instantie.
Materialen: Onbewerkte, tactiele toppers. Hout met zichtbare nerf (walnoot, eiken, doorleefd teak), linnen, wol, rotan, rattan, natuursteen met imperfecties en handgeweven textiel. Alles moet je willen aanraken. Je kunt dit toepassen in je eigen interieur door te beginnen met één statement-materiaal, zoals een groot hoogpolig wollen kleed of een rotan hanglamp, en bouw daarop verder. Het voorkomt dat het te druk wordt, maar geeft wel direct die cozy vibe.
De Japandi-evolutie blijft sterk, maar verschuift van kil minimalisme naar warme leegte. Minder ‘niets' en meer ‘bedoelde rust' met zachte texturen en natuurlijke imperfecties.
Comfort-maxxing: Alles moet je omarmen
Liza Wassenaar van vt wonen hamert erop: comfort-maxxing is hét woord van 2026. Niet meer zoveel mogelijk spullen, maar zoveel mogelijk gevoel. Banken worden lager, dieper en zachter – je wilt erin wegzakken. Extra grote loungesets met dikke kussens, aaibare stoffen zoals bouclé (nog steeds koning), suède-achtig fluweel, grove wol en shearling-achtige materialen.
Textuur overal: hoogpolige vloerkleden (laag over laag voor diepte), dikke plaids, gordijnen die tot op de grond vallen en kussens in overvloed. Het doel? Een interieur dat je letterlijk omhelst na een lange dag. Praktische tip: kies voor modulaire banken die je kunt herschikken – perfect voor veranderende gezinssituaties of Netflix-marathons.
Organische Vloei: Weg met rechte hoeken
Liza Wassenaar zegt het treffend: harde lijnen zijn passé. In 2026 zien we ronde vormen overal: ovale eettafels, niervormige banken, boogvormige spiegels, ronde salontafels en zelfs keukeneilanden met afgeronde hoeken. Dit creëert flow en verlaagt je hartslag – wetenschap ondersteunt het!
Verlichting volgt: geen felle spots meer, maar diffuus en warm. Lampenkappen van linnen, bamboe, rotan of papier filteren licht zachtjes. Hanglampen in organische vormen boven de eettafel, vloerlampen met boog en sfeerverlichting die dimbaar is via app.
Retro Revival & Vintage Futurisme
Montèl en In-House pushen hard op retro-invloeden uit de jaren '70/'80, maar dan modern getwist: Vintage Futurisme. Lage tv-meubels op slanke pootjes, geometrische patronen, donker walnoot hout, gebogen lijnen en statement-items met verhaal.
Nostalgie mag: oma's servies in een moderne vitrine, vintage lampen naast high-tech speakers, floral prints in subtiele doses. Het mixen van oud en nieuw maakt je interieur uniek – niet uit een catalogus. Praktische tip: begin met één vintage vondst (Marktplaats of kringloop) en bouw er moderne stukken omheen. Het geeft karakter zonder dat het rommelig oogt.
Color Statements & Color Drenching
De basis is neutraal, maar durf te spreken! Color drenching explodeert: hele muren, plafonds, plinten en zelfs deuren in één tint voor een omhullend effect. Butter yellow voor een zonnige vibe, diep chocoladebruin voor cocooning, of jewel tones zoals burgundy en moss green.
Voor de voorzichtigen: kleurrijke accessoires – een felblauwe fauteuil, expressief kunstwerk of gekleurde kussens. INretail noemt het “warme en diepe kleurgebruik” met veel textiel. Tip: test met samples op een klein stukje muur en kijk hoe het licht erop valt – kleuren veranderen per kameroriëntatie.
Ruige Natuur & Imperfectie: Wabi-Sabi 2.0
In 2026 is die strak gestylede, gladde perfectie – alles netjes afgewerkt, symmetrisch en zonder één rimpeltje – gewoon voorbij. Het voelt kil, onpersoonlijk en saai, alsof je in een showroom woont in plaats van in een écht thuis. vtwonen-stylist Liza Wassenaar noemt dit de trend van de “ruige natuur”: materialen die eruitzien alsof ze rechtstreeks uit de natuur komen, met zichtbare imperfecties die juist karakter en warmte geven.
- Denk aan: Stoffen met rafelrandjes of losse draden, alsof ze met de hand zijn geweven en niet strak afgerand.
- Keramiek die onafgewerkt oogt: bubbels, ruwe randen, oneffenheden – geen gladde fabriekslook, maar iets dat met liefde is gemaakt.
- Handgeweven wandkleden met franjes of losse draden die hangen – het imperfecte weefsel maakt het juist interessant en levendig.
- Natuursteen met zichtbare nerven, putjes en barstjes – geen gepolijst marmer dat spiegelt, maar steen die voelt alsof hij net uit de groeve is gehaald.
Kortom: handgemaakt en uniek wint het van massaproductie. We kiezen liever voor één bijzonder, authentiek stuk (dat een verhaal heeft en mooier wordt naarmate het ouder wordt) dan voor tien goedkope, identieke dingetjes die je na een jaar al zat bent en weggooit. Dit past perfect bij de grotere shift naar duurzaamheid: bewuster kopen, minder weggooien en materialen omarmen die mogen slijten en patina krijgen – dat is juist mooi. Het geeft je interieur ziel, warmte en een gevoel van “hier wordt geleefd”. Geen perfecte plaatjes meer, maar een huis dat jouw verhaal vertelt.
Authenticiteit wint: de vingerafdruk van de maker mag zichtbaar zijn. Denk aan ambachtelijke potten, gerecyclede houtmeubels of DIY-elementen. Imperfectie maakt een ruimte leefbaar – het vertelt jouw verhaal.
Conclusie: Jouw huis in 2026 – een plek om écht te zijn
In 2026 laten we de kilte achter ons. Strak wit/grijs minimalisme? Dat voelt nu als een koude, lege showroom – mooi op de foto, maar leeg in het dagelijks leven. Te veel plastic, goedkope fast-furniture en wegwerpspullen? Nee, mensen zijn er klaar mee. We willen kwaliteit die blijft, materialen die patina mogen krijgen en items die een verhaal vertellen in plaats van alleen maar te vullen.
Het interieur van dit jaar draait om één ding: voelen. Huizen die troosten na een drukke dag, die je verbinden met jezelf en met de mensen om je heen, en die je ruimte geven om te ademen. Geen perfecte plaatjes voor Instagram, maar geleefde ruimtes vol warmte, imperfectie en persoonlijkheid. Een huis dat jou omarmt, in plaats van dat jij het moet showen. En het mooiste? Je hoeft geen complete verbouwing te doen om die shift te maken.
Begin klein en voel het verschil meteen:
- Verf één muur in een warme, aardse tint (taupe, terracotta of zacht chocoladebruin).
- Leg een dik, hoogpolig kleed neer of gooi er een extra laag textiel over.
- Vervang die strakke rechte tafel door een ronde variant die flow en zachtheid brengt.
Voor je het weet verandert de sfeer: het licht valt zachter, de ruimte voelt intiemer en jij voelt je meer thuis dan ooit. Er zijn geen regels meer. Als iets karakter heeft, jou een goed gevoel geeft of gewoonweg bij je past – dan hoort het in jouw huis. We wonen niet langer om te laten zien wat we hebben, maar om te voelen wie we zijn.




Plaats een reactie